zondag 27 november 2011

Fietsen is gedoe….



Fietsen is gedoe en je moet het allemaal wel zeker weten. Ik roep dat al heel lang. Het maakt niet uit welke fiets ik heb. Vaak genoeg sta ik in de garage de fiets schoon te maken en de ketting te reinigen, of mijn licht te repareren of mijn lagers af te stellen of.... maakt niet uit. Ik sta WEER te sleutelen.

Met een Quest gaat dat allemaal veel beter. Alleen maak ik nu zoveel meer kilometers dat ook onderhoud aan een Quest noodzakelijk is. Zaterdag ben ik weer heerlijk bezig geweest, maar goed ik loop vooruit op de zaken.

Deze week viel opnieuw niet mee. Vooral omdat ik krom loop door de rugpijn. Ik geloof dat ik een beroepsklager wordt of zo. Maar goed, nieuw leed… Met rugpijn is het moeilijk om in en uit de fiets te komen maar als ik eenmaal zit dan gaat het fietsen uitstekend.

Maandagochtend, de fiets zit onder een dikke laag modder, vlak voor ik vertrek zeg ik tegen Dineke: “Als ik maar niet lek rijdt dan want dan ben ik de pineut.” Maar door de mist lekker op weg. Gelukkig wordt het halverwege al licht. Een beetje licht verbetert het zicht met sprongen. Vlak voor Stiens zie ik dat mijn teller op nul staat. De teller valt nooit uit hoe kan dat? Bij het remmen voor een bocht springt hij nog even aan en dan is het echt gebeurd. De fiets is veel te vies dus ik kan niet snel checken wat er aan de hand is. Dan maar even handmatig de kilometers bijhouden.

Dinsdag opnieuw onderweg. Dineke moet me nu zelfs helpen om in de fiets te komen. Vlak voor Oude Leye gebeurt waar ik gisteren bang voor was. Lek!! Terwijl ik fiets gok ik op links voor. Als ik bijna stop denk ik rechts voor. Als ik uit de fiets ben is het achterwiel aan de beurt!!

Neeeee he!! Ik sta te schreeuwen van pure onmacht! Niet nu! De fiets is te vies om aan te raken. Tsja, schreeuwen helpt niet echt. Ik strompel om de fiets heen. Leg hem op zijn kant in de natte modder berm en begin met de band. Meteen zitten mijn handen onder de klei. “Klote boeren” “foeter ik. “Troep maken oké maar opruimen ho maar”. De band ligt er eindelijk om en de smerige achterband moet weer mee. Ik draai hem door het gras om de ergste modder uit de fiets te halen. Mijn handen, broek, schoenen, tas, muts en neus alles zit onder de klei…. Toch ben ik blij als ik weer fiets want ondanks de rugpijn is het wisselen toch maar gelukt…

Op mijn werk begint een collega te hinniken van het lachen als ik binnen kom. “Wat heb jij gedaan?” “Ben je aan het veld rijden geweest?” En dat is de druppel, er is een grens voor ieder mens ten slotte, dus ik begint te mekkeren. “Ik stop ermee, ik stap nooit meer in de fiets, ik word normaal en ga met de auto net als iedereen.” “Jij?” zegt hij smalend. “Echt niet, jij fietst tot je erbij neervalt.” En dat zijn precies de woorden waar ik me de rest van de week aan vasthoudt bedankt Sietse!!

Zaterdag de hogedruk reiniger klaargezet. De auto, de vouwfiets van Dineke. De gewone fiets van Dineke en Sanders fiets. Alles zit onder een dikke laag modder en moet schoon. Voor de Quest neem ik maatregelen want een hogedrukspuit op de fiets is niet goed bevallen. De voorremmen dek ik af met een laag plastic. Een vuilniszak die ik in repen scheur en vlecht ik door de binnenste rij spaken. Ik leg de fiets op zijn linker kant. Het gat in de wielkast waardoor het achterwiel ruimte heeft om te veren, ligt dan bovenaan. Anders heb ik straks alle klei in de fiets. Daarna spuit ik alle modder uit de wielkasten en van de bodem.

Nu de fiets schoon is kan ik het voorwiel demonteren om de teller te repareren. Het blijkt dat het draadje van de teller tussen de veerpoot en de remkabel is gekomen. Bij het remmen beweegt de kabel een beetje en is door het draadje heen gesleten. De draden verbind ik weer en soldeer ik vast daarna gaat er vulkaniserend tape om. Het draadje zet ik met een kleine tiewrap aan de remkabel vast zodat ik de kabel van binnenuit niet meer onder de remkabel kan trekken. Weer wat geleerd. De remkabel moet niet alleen binnendoor bij de veerpoot. Maar het draadje van de teller moet er dus overheen……




De vouwachterband gaat eraf en een nieuwe Perfect Moiree gaat erom. Het blijkt dat een van de hieldraden door het rubber is gekomen van de oude PM. Deze heeft steeds opnieuw voor een lekke achterband gezorgd. Gelukkig vind ik nu de oorzaak want ik heb al het velglint vervangen en de achtervelg op bramen gecontroleerd. Deze hieldraad heeft al een achterband gekost en dit is het vijfde lek in korte tijd. Het profiel is ook al aardig ver heen. Dus die band rij ik in de zomer wel af.

Daarna een testrondje en alles werkt weer oké. Fietsen is dan wel gedoe. Zolang ik de Quest heb, ben ik nooit meer een dag ziek thuis geweest. Dus laat de nieuwe fietsweek maar weer komen, mij krijg je niet klein….. 

vrijdag 18 november 2011

Bikkel


Gisteren aan het einde van de op weg naar de fietskelder, snel m’n fietspakkie aan. Einde van de dag en ik heb de kap mee dus dat wordt zoeven. Als ik bij de fiets kom ligt er een knal gele muts in. “Bikkel” staat er groot op. Wow! Van wie krijg ik deze muts? Iedereen die in een Velomobiel rijdt weet dat je eigenlijk geen aanspraak mag maken op deze titel. Beschermd voor de regen en de wind en dan ook nog een kap. Wie is dan nog een bikkel?



Als ik alles in de fiets heb gegooid merk ik dat mijn handschoenen nog boven liggen. Toch maar even snel halen. Ik kom een colllega tegen en die vertelt dat de mutsen zijn uitgedeeld door file:///Z:/Gebruikers/Marcel%20Prins/Documents/velomobiel/Blog/www.Rij2op5.nl. Ik heb één van de mutsen gekregen. En laat hij nu nog mooi bij de fiets kleuren ook!

Snel op weg en de tocht begint moeizaam in de stad. Voor de bibliotheek in de stad hebben ze een oliebollenkraam neergezet. Dit blokkeert een belangrijke fietsroute. Het fietspad rechtdoor ligt eruit omdat daar een nieuw pand wordt gebouwd. En tegenover de bib zijn ze ook aan het bouwen. Er liggen betonplaten in de weg die schots en scheef liggen. Dit is nog de enige toegangsweg die ik kan gebruiken. De bocht naar rechts kan ik niet halen als ik niet helemaal links sta voorgesorteerd. En deze weg is voor de automobilisten de enige toegangsweg naar de parkeergarage.




Ik sta dus uiterst links voorgesorteerd om rechts af te slaan. Ik sta stil met de knipperlichten aan omdat ik een drukke fietsroute kruis. Op het moment dat ik op wil trekken zet een automobilist op 5 centimeter zijn auto tegen de fiets aan. Gelukkig remt hij anders was het mis gegaan. Van schrik wijk ik uit en fiets ik door. Daarbij ram ik bijna tegen een tegemoet komende fietser aan omdat ik de bocht nu niet meer haal. Gelukkig is hij zo aardig om te remmen….  Anticiperen is best moeilijk blijkt maar weer, ik snap niet dat je iemand zo klem kunt zetten… maar goed…

Uit de stad is het flink mistig geworden en het waait behoorlijk hard. De druppels op het vizier verstrooien het licht van de tegenliggers zodanig, dat ik niets meer zie. Het vizier moet maximaal open. Mijn bril beslaat nu ook door de mist en die moet dus ook nog af. En weer zie ik minder.

Als toegift krijg ik er een hongerklap overheen.  Glibberend over de klei door de mist in het donker glijd ik naar huis. Door de harde zijwind en de snijdende kou voelen mijn oogbollen als bevroren balletjes in mijn hoofd. Mijn nood muesli repen liggen onder handbereik maar toch ik kan ze niet vinden. De laatste tien kilometer worstel ik me naar huis.

Trillend kruip ik uit de fiets en wankel naar binnen. Eerst een banaan om weer op krachten te komen. Na tien minuten voor de kachel hangen knap ik weer wat op. Phoe hee, ik geloof dat ik die muts toch wel verdien!!


vrijdag 11 november 2011

Homichlofobie of Nebulafobie



Wat betekent dat nou weer? Homichlofobie of Nebulafobie is angst voor mist. Bestaat dat dan? Ja zeker, mensen krijgen hartkloppingen en worden heel angstig als ze in de mist terecht komen.

Ik wil niet bij deze mensen horen maar de jongens daarboven zijn weer goed bezig. Het uur is terug gezet, dat betekent fietsen in het donker. Maar je kan het nog moeilijker maken. Fietsen in het donker EN de mist. Het is best lekker om door de mist te zoeven na het einde van een zwoele zomeravond. Maar om deze tijd van het jaar is het een hachelijke onderneming.

Deze week leek ik wel een blinde of een bang konijntje of aangeschoten wild. De bril beslaat, autolampen van tegenliggers verblinden en de weg zonder strepen is zo nu en dan onvindbaar. Bovendien loopt de gevoelstemperatuur door het vocht naar beneden en is de kap onbruikbaar. Vroeger zei men als het mistig was dat de geesten weer in de wereld rondwaarden. Ik kan dat beamen, heel erg onprettig!

Fietsen in de mist voelt alsof je op ijs schaatst wat net houdt. Blijf je glijden, of raak je van de weg en schiet je door in het weiland of erger zwemles in de sloot. Gelukkig heb ik alles heel gehouden. Maar ik kon deze week wel erg goed meevoelen met mensen met deze fobie. Nog zes weken en dan hebben we de kortste dag weer gehad…..